|
Welcome to the Multatuli pages of Maarten Maartensz. See: Help + Map + Tour + Tips + Notes + News + Home |
|
|
| Index Ideen 1 |
| Index Ideen 2 |
| Index Ideen 3 |
| Index Ideen 4 |
| Index Ideen 5 |
| Index Ideen 6 |
| Index Ideen 7 |
| Index Woutertje Pieterse hoofdstukgewijs Index Woutertje Pieterse puntgewijs |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
| 1206 : ... Wouter's plicht was nu, te doen wat 'm geboden werd door... iedereen. |
| 1207 : Wel, mannetje, nu moet je maar braaf oppassen, dan kan er iets degelyks van je groeien. |
| 1208 : Langzamerhand ging deze nieuwsgierigheid in verzadiging over, weldra in minachting, en daarna in verachting en walg |
| 1209 : maar... wat ik je zeg: 't is allemaal wind en 'n engelsche notting! |
| 1209a : Een parelduiker vreest den modder niet. |
| 1210 : Hy huichelde evenmin als de bulhond die... |
| 1210a : Oppervlakkige ziel-ontleders denken gewoonlyk veel te spoedig aan huichelary, wanneer ... |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
| 1211 : de betuiging dat we hier, in-weerwil van dat alles, geenszins te doen hebben met ‘slechte menschen’ in gewonen zin. |
| 1212 : En al die naaktheid mocht Wouter te aanschouwen krygen! |
| 1213 : .. den tak der Gooremesten .. |
| 1214 : Was 't niet jammer dat er niet mocht gelachen worden op 't kantoor van m'nheer Kopperlith? |
| 1215 : 'n Jong-mensch moet zich nooit bemoeien met iets dat hem niet aangaat. Leer dit van my. |
| 1216 : .. den laatsten sterveling die over 'n eeuw of wat onfatsoenlyk genoeg wezen zal om nog hollandsch te verstaan .. |
| 1217 : Hy was recht grootsch dat-i den weg naar-boven wist |
| 1218 : Ik kan al m'n andere klanten niet laten wachten op één van 'n stooter in de week! |
| 1219 : Onze jongste-bediende werd nu met de noodige aanbevelingen tot ‘net werken’ aan 't kopieeren gezet .. |
| 1220 : iemand die ongenoodzaakt z'n levensonderhoud zoekt in grove of nietige bedryven, blyk geeft van 'n laag standpunt |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
| 1221 : ... ‘van zoo'n smeerigen jood!’ |
| 1222 : ... de specifiek-dichterlyke gaaf van assimilatie ... |
| 1223 : Er heerschte toen een bespottelyk nepotismus. |
| 1224 : Ook sprak ik van de domme voornaamheid die in dit alles geen aanleiding vindt tot nadenken. |
| 1225 : Een allernietigst geschiedenisje. |
| 1226 : ... 't genot der aandoening die de Duitschers menschenfreundlichkeit noemen ... |
| 1227-1 : Hy was verheugd dat-i menschen ontmoet had die hem zoo beminnelyk voorkwamen .. |
| 1227-2 : Een geest die zich niet weet te ontwikkelen in-weerwil van 't handwerk, is de moeite der ontwikkeling niet waard. |
| 1228 : Het verslonsen eener ziel is geen handelszaak waaraan men aandacht hoeft te wyden. |
| 1229 : Dit oscilleeren is geestelyk en zedelyk leven. |
| 1230 : Wy merken dit zelden op, omdat zelfkennis in 't intellektueele niet minder schaars is dan in 't zedelyke. |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
| 1231 : Ge weet dat ik 'n broodschryver ben. M'n industrie brengt mede dat ik my toeleg op behagen. |
| 1232 : De vraag was wàt men aan Wouter te doen gaf. |
| 1233 : Men vulle het kind met kennis, men make hem gewoon aan begrypen.. |
| 1234 : Ieder ander, meende hy, was beter, wyzer, bekwamer, gelukkiger, dan hy, en in zekeren zin was dit de waarheid. |
| 1235 : Als je vader 't beleefd had, die zoo zuur werkte voor z'n brood... |
| 1236 : De oorzaak lag natuurlyk in toenemende welvaart, en alweer in de bekende zucht naar onderscheiding en verheffing. |
| 1237 : ... zouden we ryker moeten zyn aan oorspronkelyke romans dan 't geval is. |
| 1238 : .. 'n anekdote (..) die - vergeving, o Nederlanders! - noch Scarron, noch Moliere, noch de ‘ouden’ is nageschreven. |
| 1239 : Aan waarheid, aan 't streven zelfs naar waarheid, mag by dusdanige prostitutie van 't Woord niet gedacht worden. |
| 1240 : .. de rymelary der prulpoëten van die dagen .. (met een fraai gedicht uit 1841) |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
| 1241 : Van de Natuur kennen ze niets dan haar taaiheid in 't doorstaan van verkrachting. |
| 1242 : .. dat [goden] zich zoo byzonder verheugen als 'n menschenkind zich op hun grootheid stom, blind en gek staart. |
| 1243 : - Onze jongste-bediende, zei Pompile allervoornaamst .. |
| 1244 : - Zeker, zeker, kind! Voor den handel is verstand noodig, véél verstand! |
| 1245 : De bloemen zyner fantazie waren verlept en geurloos geworden. |
| 1245a : De dichter die zich beklaagt over 't proza des levens, legt 'n ongunstig getuigenis af tegen zichzelf. |
| 1245b : De reinheid zyner ziel was besmet geworden, en dit benevelde z'n dichterblik. |
| 1246 : Waren ze dan doof en blind en idioot, al die anderen? |
| 1247 : .. ze toonde zich zoo geheel-en-al op de laagte van de rest .. |
| 1248 : - Wat je hebbe mot, sel je wel 'reis kryche, as je m'r iemant fint die 't je chefe mot. |
| 1249 : .. wat toch de oorzaak was van de onaangename verwikkelingen waarin hy telkens verstrikt raakte? |
| 1249a : Verreweg 't grootste deel der maatschappy bestaat uit menschen van allergewoonste neigingen en gaven.. |
| 1250 : Gelyk de meeste jongelieden die in nood zitten, dacht-i aan zelfmoord. |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
|
1251 : Femke liep daar in den zeer vroegen morgen - byna was 't nacht nog - met 'n matroos! |
| 1252 : (Noot van M.D.D.-S.) |
| 1253 : Wat deed je dáár? En moet je 'r daarom zoo verpieterd uitzien? |
| 1254 : .. de stem van 'n enkele die op genezing van de vreeselyke ziekte der godsdolheid aandringt .. |
| 1255 : Wie dàn leeft, wie dàn treurt! Elke periode heeft genoeg aan z'n eigen kwaad... |
| 1256-1 : Wat al allessen zyn er aangebeden, die later bleken niemendal geweest te zyn! |
| 1256-2 : .. begrypen de meesten 't belang eener zaak niet voor ze kan worden pas-gemaakt in 't lystje van 'n ‘party.’ |
| 1257 : .. godsdolheid .. |
| 1258 : .. Multatuli heeft er zelfs glossen op gemaakt .. |
| 1259 : De waarlyk menschlievende behoort zich de schynbare wreedheid eigen te maken waarvan de Natuur het voorbeeld geeft |
| 1260 : - Als u iets mankeert... we hebben haarlemmer-olie in huis. |
| 1260a : Het pauperismus is 'n pestbuil van 't geloof. |
| 1260b : Ook schynt ieder haast te hebben in de eerste oogenblikken na 'n kerkdienst. |
| 1260c : Niets is aristokratischer dan 't gemeen. |
| 1260d : - Maar toch... wàt broêr? Ik vind dat 'n mensch z'n eigen broêr moet wezen ook. |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
|
1261 : .. dat niets gemakkelyker is dan preeken, doch niets moeielyker dan goed preeken. |
| 1262 : 't Schryversambacht namelyk is veel gemakkelyker dan menige lezer wel weet. |
| 1263 : Wie zich hier niet laaft, is voor geen laving vatbaar, en zal 't nooit ver brengen in de nederlandsche letteren. |
| 1264 : ... och, ik word al te scherpzinnig, zelfs voor annotator van 'n oud boek. |
| 1265 : Om m'n bedoeling goed te vatten, zouden m'n lezers wysgeeren en oprecht moeten wezen... |
| 1266 : .. 'n autoriteit in Kunst en Litteratuur (..) den heer Vosmaer. |
| 1266a : Het aantal verlokvormen dat God in z'n ondoorgrondelyke valsheid te-pronk hing aan den beproevingsboom, is groot! |
| 1267 : Ik vraag: wat onze akademien sedert eeuwen hebben opgeleverd? |
| 1268 : Dat Hooft in z'n speciaal-vak van aap ver gevorderd was, erken ik volmondig. |
| 1268a : .. over de zonderlinge miskenning van Vorstenschool, waaraan de heer B.H. zich schuldig maakt. |
| 1268b : De ware naam der vuile ziekte die ik bestryd, is armoed van geest... |
| 1268c : Maar bruikbare voorbeelden, modellen, leveren ons die Ouden niet... |
| 1269 : Jeder Künstler hat so etwas eigenthümliches in seinem Talàng! |
| 1270 : Jansen was in wereld- en menschenkennis ongeveer blyven staan op 't standpunt dat Wouter onlangs bereikt had.. |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
|
1271 : Ieder weet immers dat niets op aarde onvermengd is, tot en met de courage van de braven toe? |
| 1272 : Ik weet wel dat deze slotsom treurig is, maar men heeft zyne konkluzien niet voor 't kiezen. |
| 1273 : De vrouw uit Haarlem raakte alzoo niet te-water. |
| 1273a : Armoed, ondeugd en filanthropie - of wat daarvoor zoo dikwyls doorgaat - zyn drie varieteiten van dezelfde ziekelykheid .. |
| 1273b : Zoo bestaan er veel vraagstukken welker oorzaak van bestaan... 'n vraagstuk behoorde te zyn.. |
| 1274 : Van Sterne gesproken.. |
| 1275 : De lezer weet dat er in Nederland dertien genien op 'n maaneklips gaan.. |
| 1276 : Men is nu eenmaal niet voor z'n pleizier op de wereld. |
| 1277 : Op menschkundig-tafellikkende gronden.. |
| 1277a : Ik ben zeer vóór 't bestudeeren van oude schryvers.. |
| 1277b : Onder de eigenaardigheden van den Nederlander bekleedt de volkomenheid 'n eerste plaats. |
| 1278 : Lezer, ik ben dood. |
| 1279 : Al namen allen, allen, allen er genoegen mee, ik niet, ik niet, ik niet! |
| 1280 : ...en dat hun meesterstukken in 't oog van volken die verder gevorderd zyn in ontwikkeling... ...slechts kinderwerk zyn. |
|
Index op Multatuli's Ideën 7 |
|
1281 : - Wat wou jy praten van eigen indruk, eigen geest, eigen genie? Je weet niet eens wat 'n genie is. |
| 1282 : Een mensch moet op z'n zaken passen, en... God voor oogen! Dan kom je 'r wel. |
|
Finis |
|
Parabels e.d. in Ideën 7 |
| 1225 - 1227 : Een allernietigst geschiedenisje. Wouter int een rekening in de Amsterdamse jodenhoek. |
| 1238 : Dom Pedro en Dom Alonzo over zondigen en Murillo. |
| 1261 : Koremans, Lientje en Trineke (preek van pater Jansen) |
| 1269 : De Duitse toneelspelkhùnstenaar. ( Farbenlehre en Breslau) |
| 1278 - 1281 : beknopte mededeeling van 't overlyden des auteurs (Multatuli beschrijft z'n eigen dood.) |
|
Overige teksten van Multatuli op deze site |
| De dadels van Hassan |
|
Welcome to the Multatuli pages of Maarten Maartensz. See: Help + Map + Tour + Tips + Notes + News + Home |