Ik zeide: "Wie voor
verrotting vreest, is 'n vyand van het "leven". Ja! En wie
zich beklaagt over dwaling, is 'n vyand van de waarheid. Maar ik
spreek van de verrotting, van de dwaling. Stoffelyk
leven is stryd tegen elke verrotting. Zedelyk en geestelyk
leven, stryd tegen elke dwaling.
't Zou curieus wezen
als men myn IDEEN over de noodzakelykheid van dwaling en ontbinding,
opvatte alsof ik party trok voor leugen, en liever een lyk zag dan een
meisje. Men is er toe in-staat.
Een belangrijke reden voor M.'s
stelling is dat gezondheid bestaat in geslaagd verweer tegen ziekte,
en waarheid en waarachtigheid in geslaagd verweer tegen dwaling en
bedrog; en dat mensen bovendien geen waarheid kunnen vinden zonder
gissingen en aannames te maken, te zien waar deze logisch gezien toe
leiden, en waar mogelijk de logische gevolgen van hun aannames te
vergelijken met de empirisch gegeven werkelijkheid.
|