Tsja. De geesten van Hooft en Bilderdijk,
om eens twee door M. nogal zwaar (doch terecht, instructief en hoogst
vermakelijk) gekritiseerde Neerlandse schrijvers te noemen, protesteren
luid, mag men aannemen.
Ik vermoed dat M.'s eigen overweging
hier tendeerde naar: Ik ken geen schrijvers wier ideeën ik even
interessant vind als de mijne.