Onjuistheid van uitdrukking baart
stryd. Wie dus stryd wil ontgaan moet zich toeleggen op juistheid?
Volstrekt niet. Hy zou daardoor zich vrienden maken van wie te
goeder trouw zyn, maar tot vyand ieder die belang heeft by onjuistheid, d.i.
de meerderheid.
Juist. Want: de
meerderheid van de mensen is niet geïnteresseerd in noch gebaat bij
waarachtige ideeen, maar is zeer geïnteresseerd in prettige illusies en
gebaat bij doelmatige leugens.
En de meerderheid
weet dat ook heel goed, al geven ze het niet graag publiekelijk toe.
(Letterkundig nootje: In de Garmond-editie staat het vraagteken in M.'s tekst
niet.)