Nederlog        

 

25 december 2008

Waarheid, leugen en taalgebruik


 

 

"There is one thing a professor can be absolutely certain of: almost every student entering the university believes, or says he believes that truth is relative."

(Begin van Alan Bloom's "The Closing of the American Mind - How Higher Education Has Failed Democracy and Impoverished the Souls of Today's Students.")

Regelmatige lezers van Nederlog weten dat ik redelijk wat met wiskunde en logica heb en daarvan houd, want ik schrijf daar wel eens over in Nederlog en ik heb het ook wel eens over wiskundigen, als over de geniale Nederlandse wiskundige Brouwer (1881-1966).

Er is bijvoorbeeld een aardige biografie van Brouwer van Dirk van Dalen [1] die ik vier jaar geleden kort besprak (zie de link), die leerzaam is over de persoon en het leven van Brouwer, en ook over hoe het in de wereld der wiskundigen toegaat (bij gelegenheid héél wat minder sereen dan u wellicht denkt), maar die overigens niet zoveel over zijn of de wiskunde heeft (in Brouwer's geval is er inderdaad zijn wiskunde: Hij bedacht een nieuwe fundering van de wiskunde die hij "intuïtionisme" noemde [2]) al is de relatieve afwezigheid van wiskunde in een biografie ook niet zó vreemd, al handelt het verhaal over een wiskundige.

En ik keek daar gisteren weer eens in en vond een fraaie voetnoot die ik zometeen voor u paraat heb, maar heb eerst iets over waarheid en leugen, ook in verband met het citaat waarmee ik opende, dat ik trouwens twintig jaar geleden al gebruikte.

Ikzelf heb namelijk altijd in waarheid geloofd - en denk feitelijk dat iedereen die de natuurlijke taal verworven heeft dat alleen gedaan kan hebben op basis van een intuitief gezondverstand-waarheidsbegrip dat erin bestaat dat een bewering waar is als de bewering zegt wat feitelijk het geval is.

Dit was ook het standpunt van Aristoteles, en voordat ik wat ingewikkelder ga doen is het wellicht verstandig daar een helder beeld van te krijgen, en wel als volgt:

Stel dat ik een gesloten doosje heb, met daar iets in, dat u kunt horen als ik het doosje heen en weer schud. Nu vertel ik u dat u een heel goed mens bent - ja, heus! "Geloof me, u kunt me vertrouwen!" (Wouter Bos) - net als ikzelf, en dat omdat u zo een goed mens bent u mijn doosje kunt krijgen, met sleuteltje en inhoud en al, en dat er in dat doosje tienduizend euro zit, die helemaal voor u zijn, op slechts één voorwaarde: Dat u mij honderd euro voor het doosje geeft, vanwege mijn bijzondere goedheid en vriendelijkheid.

Zou u het aanbod aannemen? (Er zijn immers mensen die om minder goede redenen in aandelen of de postcodeloterij speculeren.)

Wel, u moet het zelf weten, en ik weet niet hoe goedgelovig u kunt zijn, maar het is niet logisch onmogelijk dat als u het doosje open maakt u een drol uit papier-maché aantreft met daarop een briefje "Every second some sucker gets born".

Wat nu als u vervolgens héél boos bij mij komt (als u mij kunt vinden) en die 100 euro terugwilt, en ik u vertel dat - heláás pindakaas! - ik dat van die drol helemaal niet geloof, en dat overigens waarheid helemaal niet bestaat, zoals de meesterdenkers Foucault, Derrida en Lacan de mensheid al wel dekaden geleden hebben duidelijk gemaakt, en sindsdien minstens 25 jaar aan de UvA onderwezen is, en ook aan de meeste Amerikaanse universiteiten die geen élite-universiteiten zijn, en elders in de wereld in het onderwijs. [3]

U vindt dit een vreemd verhaal? Wel, ging het ook in essentie met de Franse meesterdenker Foucault - hij van "Les mots et les choses" en ook een enthousiast praktiserende homo met sm-erige neigingen - die zijn gehoor en zijn bewonderende jonge vrienden en leerlingen jarenlang voorhield dat HIV helemaal niet bestaat, trouwens ook lang voordat (ex-) president Mbeki dat stelde danwel vertelde dat u met wat bietensap van alle daarmee samenhangende problemen af bent, mócht u dan toevallig besmet zijn geworden door de Franse meesterdenker. [4]

En mijn generatie geloofde in grote meerderheid dat iedereen weet dat waarheid niet bestaat; dat dit een heel verlicht, ook zeer politiek correct standpunt is; dat wie dat ontkende, bijvoorbeeld met een vertelling als hierboven, moreel geheel niet deugde, intellectueel kennelijk niet wilde deugen, en heel wel mogelijk "een fascist" was - en mijn generatie is nu tegen of rond de zestig, en heeft al een jaar of dertig (!) de macht in de Nederlandse universiteiten, tot hun eigen grote financiële en persoonlijke voordeel, in het Nederlands onderwijs, in de Nederlandse politiek, in de Nederlandse rechtsspraak, in de Nederlandse media etc.

Maar voor mij bestaan waarheid en leugen dus wel degelijk - en is de leugen dat waarheid niet bestaat vooral een leugen die ertoe dient om waanleren tegen rationele kritiek te beschermen c.q. zelf altijd gelijk te hebben omdat men onmogelijk weerlegd kan worden bij gebrek aan waarheid om dat mee te doen. [5]

Mijn generatie, die nu in Nederland aan de macht is, heeft in meerderheid een heel vaag en conventioneel waarheidsbegrip, meent waarschijnlijk in meerderheid te weten dat waarheid hoogst relatief is, en is zeker in meerderheid in staat met een uitgestreken gezicht mee te liegen met Politiek Correcte standpunten en wanen van de dag, als daar een positie, een salaris, en maatschappelijke aanvaarding aan vastgeknoopt zitten ("Doe maar gewoon, en lieg mee met de meerderheid, dan doe je in Neerland goed genoeg!"), maar ik mis de aanleg daarvoor, net als Brouwer, tot wie ik nu kom.

Brouwer had veel belangstellingen, waaronder de inderdaad zeer belangrijke vraag wat betekenis precies is, die samenhangt met waarheid, maar er niet identiek mee is [6], en richtte in dit verband zelfs een vereniging op - en nu ga ik terug in de tijd met Dirk van Dalen:

De Signifische Kring werd op 21 mei 1922 geboren 'op het grasveldje onder de kastanje' in Walden [7]. Wat de kring nodig had was een helder programma, en daarom was besloten voor de stichting een beginselverklaring uit te geven. (..) Het instituut had indertijd al een programma geformuleerd dat de taaltrappen bevatte als gemeenschappelijk gezichtspunt. (p. 246-7, op. cit.)

Ik wil namelijk toe naar die taaltrappen, en dat vooral omdat alle taalgebruik dat mij tegenwoordig bereikt van de zijde van de Nederlandse Behoerden advertentie-taal is, vol reclame-kreten, valse juichtonen, corporatistische reclame en vol foto's van tal van politici, vol van botte en platte leugens, en gewoonlijk ook zowel oerlelijk, buitengewoon stupide (want kennelijk berekent op de grote democratische meerderheid van stemmers met IQs tot 100), en bijzonder vals en oneerlijk.

En ik heb hierover eerder geschreven, bijvoorbeeld in Overheidsproza - genus UvA (alma mater meretrix), ook omdat ik het grotendeels voor welbewuste oplichterij houd, al zijn de leugenschrijvers geheel nooit zo intelligent of zo moreel van aanleg als Brouwer.

Maar hier is dan een enigszins bruikbaar onderscheid van niveaus van taalgebruik, stand en formulering van 1919 [8], maar nog steeds toepasbaar en leerzaam, zij het in een bij die tijd passende wat hooggestemde formulering:

De grondtaal behoeft generlei dynamische wilsverhouding tot andere individuen te onderstellen, en, zo zij het wel doet, kan die verhouding zowel een zijn van vriendschap als van vijandschap.
In de stemmingstaal daarentegen vindt het wederszijds levensrecht van spreker en hoorder erkenning, zo al geen nadere regeling, wordt dientengevolge eenzaamheid gewraakt en vijandschap gestileerd.
In de verkeerstaal wordt een vrijwel alle fundamentele strijdbaarheid uitsluitende mate van eenstemmigheid bij spreker en hoorder, en een sterke beperking van de mogelijkheid tot misverstand verkregen, door tot de verstandhouding slechts die levenselementen toe te laten, die in algemeen erkende menselijke behoeften van perifere aard tot uitdrukking komen.
In de wetenschappelijke taal is deze selectie der levenselementen zover gegaan, dat nog slechts zulke woorden worden toegelaten die aan de onderstellingen ener (voor alle individuen gemeenschappelijke) objectieve aanschouwingswereld inherent zijn.
Terwijl in de symbolentaal nog slechts van levenselementen, die door de onderstellingen van
(voor alle individuen gemeenschappelijke) intellectuele categorieën omsloten worden, sprake is, waardoor een vrijwel volkomen uitsluit[ing] [9] van misverstand bereikt wordt.
(Noot 56 bij hoofdstuk 8, p. 523, op. cit.)

Hier gaat het me hier minder om de preciese vorm van de gemaakte onderscheidingen, of hun formulering of definitie, of hun juistheid sub species aeternitatis, dan alleen om de vaststellingen dat (1) er dergelijke niveaus zijn in de natuurlijke taal en (2) dat Vadertje Staat in al z'n publikaties tegenwoordig in de communicarie met de burgerij, én ook in z'n brieven aan individuele burgers, vrijwel alleen een bewust vals, smakeloos, lelijk, manipulatief mengsel van stemmingstaal en verkeerstaal gebruikt dat, in de vorm waarin het gebruikt wordt, alleen advertentietaal kan heten, en van begin tot eind uit bedrog en misleiding van de grote domme doch kiezende meerderheid bestaat.

En niet alleen schrijven de dames en heren politici - parlementariërs, gemeenteraadsleden, burgemeesters en wethouders, ministers en staatssecretarissen - zo; ze spreken het ook ... en ze weigeren te communiceren op enige andere wijze dan in kromme, valse, leugenachtige, geposeerde, aanstellerige, bedriegelijke, manipulatieve advertentietaal, gedeeltelijk omdat ze menen dat het zo hoort, en gedeeltelijk omdat het hun persoonlijk belang dient dat u of ik feitelijk geen rationeel begrip voor hun manipulatieve mededelingen kunnen opbrengen, eenvoudig omdat hun mededelingen overwegend irrationeel zijn en gemaakt zijn om het volk te bedriegen, maar wel weer volgens de mediamiek gegenereerde en in stand gehouden waan van de dag, inclusief politieke kromtaal die een aanslag is op zelfs de mogelijkheid tot een redelijk en rationeel oordeel in de hoorder of lezer. [10]

Maar ja... ik registreer het voor u in het voorbijgaan, omdat mijn oog erop viel, en om te pleiten voor een taalgebruik van gemeentes en staat dat wel overwegend rationeel en redelijk is, zoals Brouwer ook deed, al ben ik, net als hij, heel pessimistisch het nog te mogen meemaken én heel stellig over het belang ervan voor het behoud van een werkelijke beschaving.


[1] Dirk van Dalen: "L.E.J. Brouwer 1881-1966 - Een biografie - Het heldere licht van de wiskunde", Uitgeverij Bert Bakker, 1e druk 2001, 2e druk 2002, ISBN 90 351 2443 x.

[2] Waarvan ik geen aanhanger was noch ben, al is het wel zo dat ikzelf, geheel onafhankelijk van Brouwer of wie ook, ca. 1974 tot de konklusie kwam dat er twee negaties zijn - waarna ik redelijk snel uitvond dat Brouwer althans een verwante gedachtengang had gehad, en Zinoviev vrijwel dezelfde, en allebei (veel) eerder. Wie hier meer van wil weten raadplege Meer uitgebreide propositionele logica en de daargegeven links.

[3] Het is een interessant en althans enigermate heugelijk feit dat deze bête waanzin niet of nauwelijks voet kreeg aan Harvard, de MIT en andere echt goede universiteiten, en een droefgeestig feit dat dit wel gebeurde aan de meeste andere universiteiten.

[4] Die er zelf aan stierf, naar ik vernam, al weet ik niet of hij tegen die tijd nog steeds meende dat waarheid en HIV niet bestaan. En overigens is mijn voorbeeld van het doosje opzettelijk gekozen, ook i.v.m. de dingen die de wetenschap ontdekt of zich over vergist, en met goden, al dan niet verborgen, en met wat de geschiedenis ons zal brengen, à la Pandora, die immers ook al zo vaak met grote stelligheid maar toch volledig vals voorspeld is door Zieners, Denkers en Leiders.

[5] Er zijn ook problemen met waarheid, en die spelen bijvoorbeeld in de wiskunde (zijn bewezen stellingen over 4-dimensionele ruimtes waar als er geen 4-dimensionele ruimtes zijn? woonde Sherlock Holmes in Baker Street in de verhalen van Conan Doyle?), maar voordat u daarover begint te peinzen is het verstandig eerst wat wiskunde en logica te leren. En het blijft een feit dat u niet behoorlijk een natuurlijke taal had kunnen leren als iedereen om u heen u steeds had voorgelogen over de betekenissen van de woorden en zinnen.

[6] De toevoeging is vanwege het feit dat sommige wat vaag denkende filosofen beweerd hebben dat waarheid en betekenis samenvallen, wat onzin moet zijn gegeven het feit dat er betekenisvolle onware zinnen zijn - "Sinterklaas bestaat! Kijk, daar rijdt hij!" - maar wat desalniettemin in de zeventiger jaren tamelijk populair was onder filosofen (en terug ging op slecht verteerde wiskundige logica).

[7] Voor wie het wat zegt: Inderdaad het Walden van Frederik van Eeden, die enige tijd bevriend was met Brouwer en ook ter sprake komt in de biografie door Van Dalen, overigens niet zo gunstig. Ook werd Van Eeden in 1921 katholiek, en Van Dalen schrijft o.a.

Voor zijn doop moest hij al zijn boeken verwerpen onder het uitspreken van het woord "Aboratus". "Brouwer werd er beroerd van".
(p,. 253, op.cit.)

[8] Dus voor moderne filosofisch geïnteresseerde geesten: Ook vóór de Tractatus van Wittgenstein, en vóór de opkomst van het neo-positivisme - en voor de mensen die met enige rationele reden trots op Nederland willen zijn: In Nederland, door Nederlanders, 'op het grasveldje onder de kastanje' in het Gooi.

[9] In Van Dalen's versie staat "uitsluitend", dat vermoedelijk een schrijffout is.

[10] In dit verband zie ook George Orwell's "Politics and the English Language" en "Animal Farm", "1984" en "Collected Essays". Zéér leerzaam, zeker als u niet belogen of misleid wilt worden door uw politieke voorgangers.

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail