X
 

     Nederlog        


  29 juni 2008

                                                                 

Over karakter, en gebrek daaraan

 


 
Opgedragen, in diepe dankbaarheid, aan mijn helpers en bewonderaars bij de Amsterdamse Gemeentelijke Ombudsman, die reeds dekaden zo bijzonder moreel en menselijk zijn.

Het houdt nog steeds geheel niet over met mij en M.E. en dat is n reden dat dit stukje verschillende titels heeft gehad - dat evenzovele aanwijzingen zijn dat er evenzovele stukjes uit hadden kunnen ontstaan, bij iets meer welbevinden.

Er was eerst de titel Multatuli, Fielding en Neerlandistiek, totdat ik dacht dat Een bijdrage aan de wetenschap (der Neerlandistiek) wellicht aardiger was. Maar toen ik bedacht had waar het eigenlijk vooral om gaat overwoog ik een andere titel: Drie menselijke hoofdzonden - en wel zwakte, domheid en onwetendheid - maar had niet genoeg energie voor dat hele onderwerp, of zelfs maar een flink deel ervan.

Vandaar dat ik bij mijn uiteindelijke titel arriveerde - Over karakter, en gebrek daaraan - want dr gaat het vooral over in wat volgt, al zal ik er stapsgewijs heengaan.

1. Zoals ik een paar dagen geleden zei, lees ik dezer dagen Fielding, met genoegen en bewondering, waar ik ook al eens eerder van verhaalde.

Ik vroeg me toen af of Multatuli van hem wist, en zo ja, wat hij over hem dacht, en raadpleegde met dat doel dus het index-deel XXV van Multatuli's Volledig Werk, uitgegeven door Van Oorschot, recentelijk verramsjt bij gebrek aan kopers, en mede daarom in aanzienlijke getale aanwezig in mijn boekenkasten.

Het genoemde index-deel is zoals de hele VW en een mensenleven: Vl beter dan niets, maar vl slechter dan het zou hebben kunnen zijn. In feite zijn het twee zogeheten registers: Korrespondentieregister en Namenregister. Voor een onderwerps- of trefwoordenindex was er kennelijk - na minstens 40 jaren werk door talrijke hoogopgeleide Neerlandici, met subsidies - geen tijd en geen geld.

Het tweede genoemde register voldoet echter nominaal aan het gestelde doel, en vermeldt op p. 363:

Fielding, Henry. XXI: 355+n, 632;
XXIII: 268.
Jonathan Wild, de groote (The his-
tory of the life of the late Jonathan
Wilde
). XXI: 632.
Roderick Random, XXI: 355+n.

2. En hier ben ik in beginsel reeds via Multatuli en Fielding aangeland bij mijn eigen wetenschappelijke bijdrage, welke nominaal als volgt is:

Roderick Random is een boek van Tobias Smollett (1721-1771), die niet dezelfde was als Henry Fielding (1707-1754), tenzij natuurlijk de hegemonie van de rekenkunde afgeschaft is in de Neerlandistieke wetenschap.

De laatste opmerking mg enigszins brutaal lijken, maar het Volledig Werk van Multatuli deel XXI vermeldt trouwhartig en wetenschappelijk dat

Ook naar het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen van de Stichting NWO en naar het Ministerie van WVC gaat onze erkentelijkheid uit voor de ruimhartige wijze waarop beide instellingen de steun aan deze uitgave tot en met de voltooiing verzekerd hebben.

boven de namen van Hans van den Bergh, professor, en Berry P.M. Dongelmans, toen als ik het wel heb nog drs, beiden in de wetenschap der Nederlandistiek.

Ook vertellen zij dat hun taak "een veel zwaardere taak" zou zijn geweest zonder de vele goede hulp die zij kregen, zodat het niet aan de zwaarte of de ruimhartigheid van de subsidies gelegen kan hebben dat Multatuli in gezegd deel op p. 355 schrijft, in een brief aan zijn uitgever Funke, ook met toespeling op z'n eigen alias:

Ook gy hebt verdriet. Dit kan ik berekenen. Maar ge klaagt niet. Is dit sterkte? Is uw verdriet minder aangrijpend? Ik weet het niet. Beschuldig me niet van al te groote weekheid. (..) Welnu, ik verzeker u dat mijn smart zeer zwaar is en dat ze ook nderen zwaar drukken zou.

Verbeelding? Zwartgalligheid? Wel, ik studeer in middelen ter afleiding. Ik lees (met walging, dat is waar!) 'n vroolyk boek. - nu 't laatst Roderick Random van Fielding1 (..)

en waarbij het nootje"1" verwijst naar een volwaardige en volleerde Wetenschappelijke Noot van de Wetenschappelijke Uitgevers op p. 353, die daar dan namelijk weer wetenschappelijk geheel onbezwaard neerschrijven:

1. Fielding: Henry Fielding (1707-1754), engels schrijver. Een nederlandse uitgave van Roderick Random verscheen te Amsterdam (1805).

Hetgeen ongetwijfeld juist zal zijn, behalve dat Fielding Roderick Random niet schreef.

Het is maar een weet, en er zouden vele proefschriften gewijd kunnen worden aan de zeer vele annotaties, notities en toelichtingen in de VW van Multatuli waar weinig of niets van deugt, zoals van de hele uitgave niet, althans van deel I t/m VII - die Neerlands-typerend genoeg precies die delen zijn die Van Oorschot niet verramsjte - daar deze Stuiveling's (prof dr Garmt) eigen vervalsingen zijn van Multatuli's echte teksten, die in de VW alleen in zr zwaar verminkte vorm aanwezig zijn, in de delen I t/m VII.

Dit was dus mijn waarachtige wetenschappelijke bijdrage, die zeer zeker een wetenschappelijke fout aantoont, in werk dat op "ruimhartige wijze " ondersteund werd vanwege NWO (Nederlands Wetenschappelijk Onderzoek).

Het is geen grte bijdrage aan de wetenschap, geef ik ook toe, maar wel een positieve, een noodzakelijke, en ook n die geheel conform de vermogens van Neerlandici geacht ... zou mogen worden te zijn, als niet diverse professoren, doctorandussen, en een heel colofon vol medewerkers allemaal kennelijk ongeveer niets van Anglistiek zouden hebben geweten, en niet Multatuli's fouten nageschreven hebben, met zelfgezochte gesubsidieerde noten en verwijzingen en al.

Trouwens... mede omdat ikzelf in Engeland gewoond heb met een Engelse die Engelse literatuur aan een Engelse universiteit onderwees, dat wellicht iets van doen heeft met mijn kennis van een en ander:

De verwarring, voor de literatuur-wetenschappers onder ons, treft de typische Engelse lit.crit. - voor wie het niet weet: dat zijn de Engelse tegenhangers, als ik zulks mag suggereren, van het onvolprezen genie dat Kees Fens heette, en geachte collegaas van prof van den Berg en drs Dongelmans: Academisch hoogst bekwaamde wetenschappers der Literatuur - ongetwijfeld vrijwel hetzelfde als het de typische Neerlandicus of -ka zou treffen te lezen in een wetenschappelijk zwaar gesubsidieerde dus ook zeer wetenschappelijke noot bij het Volledig Werk van Shakespeare dat de welbekende Grote Nederlander mr. Willem Bilderdijk het pseudoniem "Multatuli" droeg, en dat Multatuli daarom de schrijver van het zeer diepzinnig voorbeeldige treurspel "Floris" was. (Als u de laatste link niet las heeft u veel gemist, of u nu lit.crit. bent of niet.)

3. Maar goed. Er is echter mr, zoals u boven ook reeds zag, namelijk een verwijzing naar Jonathan Wild dat overigens, kan ik de lezer, het Multatuli Museum, het Multatuli Genootschap, NWO n het Ministerie van VWC melden, met de hand op mijn hart (omdat ze het anders ongetwijfeld niet positief zouden weten) wel degelijk van Fielding is, zodat niet lle verwijzingen naar Fielding in de 25 delen VW onjuist zijn.

Daar staat dan tegenover, helaas, dat Multatuli himself heleml niet vriendelijk over hem is, in een brief aan Paap, van 30 januari 1882:

Heere Jezis, ik heb daar weer iets van Fielding gelezen! Z'n Jonathan Wilde de groote. Hoe min! Hoe grof! Hoe plomp! Hoe onnoozel! Hoe onmogelyk! En... hoe gemeen! En dat alles met pretentie op mensch kunde! En... met 'n goed geconcipeerde pretentie: hy staat voor meester in dat vak te boek. Voor 'n meester van 2n rang, nu ja, maar voor n meester toch! t Is ergerlyk! Wil je dat vod eens lezen? Zeker kan je 't krygen in de stadsbibliotheek, of hebben ze daar geen buitenl. schryvers? Myn exempl. kan ik je niet zenden. Ik heb 't tot onleesbaarheid toe, kapot gekrabt. 't Is 'n (slechte) fransche vertaling.
   (p. 632-3, op. cit)

Ikzelf noemde en citeerde Fielding en zijn Jonathan Wilde the great eerder, in Morele Rekenkunde II, en heb er een geheel andere inschatting van, en verbaas me hier dus nogal over Multatuli (afgezien van enige jaloezie en afgunst, die ook hem niet vreemd waren, in het bijzonder waar het schrijvers met veel opgang betrof), en wel omdat het Fielding zelf duidelijk te doen was om hetzelfde grote probleem waar het Multatuli om te doen was - zijn eigen woorden, bij de conceptie van z'n Ideen:

Neen, er zal  niet gezegd worden dat niemand beproefde den vloek te bezweren die er rust op het Volk. 't Zal niet gezegd worden dan niemand de ziekte aantastte, de rottende ziekte waaraan dat Volk lydt: de LEUGEN. Ik zal doen wat ik kan.

Dat is: de hypocrisie, het huichelen, het gebrek aan karakter, dat zo kenmerkend is voor de grote meerderheid, of zoals ik dat in december 2007 opmerkte naar aanleiding van Jonathan Wilde:

Kortom, het kwaad in de wereld bestaat voornamelijk omdat de grote meerderheid zich met graagte laat bedriegen of doet alsof ze zich laten bedriegen, en gewillige uitvoerders zijn van de opdrachten van hun bovengestelden, vanwege de voordelen die het ze zelf biedt, zodat velen beweren de kleren van de keizer te zien, omdat ze, in Rome of tussen kannibalen verblijvend, uit eigenbelang doen zoals de Romeinen of kannibalen doen, in het vaste en trotse morele besef daarmee te doen wat de grote meerderheid doet, en wat de leiders graag zien, en wat de voorgangers aanprijzen als goed en moreel.

Of zoals ik dat ook heb uitgelegd:

Menselijk maatschappelijk leven is overwegend rollenspel, en vrijwel ieder mens leert zich ergens tussen z'n 15e en 25e verleugenen en verloochenen tot een maatschappelijk aangepast karakter, vol van valse pretenties, loze praatjes, en populaire vooroordelen, en neemt daarmee - overwegend uit vrije wil, uit welbegrepen eigenbelang en eigen zwakte - afscheid van z'n originaliteit, spontaniteit en individualiteit, waarmee ieder mens geboren wordt, ongeacht overig talent. (Zie ook 116 en "Menselijkheid" - en 423 inclusief links en "On People")

Ze leren het karakter dat ze zijn of zouden kunnen zijn te loochenen en verloochenen, om maar m te mogen doen met de grote meerderheid, als brave loyale conformist en volgeling, trots op de eigen gewoonheid, omdat in Neerland iedereen die zelf niets voorstelt alle anderen tracht te nivelleren tot het eigen niveau (of lager) met de Nedernorm aller Nedernormen: "Doe maar normaal dan doe je al gek genoeg", en omdat aangepastheid, meedoen, en loyaliteit, conformisme en respect voor de bazen en de doorsnee  allerlei maatschappelijk voordeel biedt, en betaling, veiligheid, en uitzicht op pensioen.

Of zoals ik dat zelf opmerkte onder idee 1215, ook tot zeer groot moreel, maatschappelijk en menselijk voordeel van al mijn lezers:

Dit is niet alleen voor jonge mensen een bijzonder bruikzame les hoe maatschappelijk mee te komen:

Val niet op! Doe normaal! Wees gewoon! Bemoei je alleen met je eigen zaken! Denk niet na, behalve over hoe je baas te plezieren! Stel geen lastige vragen! Kritiseer nooit je werkgever of collegaas! Heb geen belangstellingen in iets waarin je collegaas geen belang stellen! Leef, denk, doe en zie eruit als je geerde collegaas! Wees nooit origineel! Denk en praat niet over politieke, religieuze, morele, filosofische of wetenschappelijke kwesties! Bezit geen interesses in iets waar niet talloos veel anderen ook in genteresseerd zijn! Doe normaal, dan doe je al gek genoeg! En denk vooral niet dat je iets bijzonders bent! "If you want to be pleased, please!". De beste kruipers en de handigste huichelaars komen 't verst in onze menselijk-o-zo-menselijke maatschappij!

Leer dit van my.

Het uiteindelijk resultaat is dat mensen, vanaf hun 25ste levensjaar of eerder, uiteenvallen in twee soorten (met vele ondersoorten):

(1) Zij, met voldoende karakter (kracht, vermogen, zelfstandigheid, individualiteit, moed, onafhankelijkheid) om in beginsel werkelijk op eigen benen te staan inzake waarheid en waarden, en voor wie het althans mogelijk is te leven volgens de Gulden Regel

Wat gij niet wilt dat u geschiedt
Doet dat ook een ander niet
(Want een ander lijdt pijn
  Gelijk het voor uzelf zou zijn)

(2) En zij, die het aan dergelijk karakter ontbreekt, al weten ze dat vaak zelf maar gedeeltelijk, onder andere omdat gebrek aan karakter positief gecorreleerd is met gebrek aan intelligentie en gebrek aan kennis, en die daarom gewoonlijk tot de grote meerderheid behoren  van gewillige uitvoerders, loyale conformisten, respectvolle schijnheiligen, en hun publieke meningen naar de waan van de dag en de machthebber van het moment te richten uit eigenbelang, en daarom gewoonlijk levend volgens het morele beginsel dat samen met "Unsere Ehre heisst Treue!" het hoofdbeginsel is van alle bureaucraten en bestuurders

Wat gij niet wilt dat u geschiedt
Doe dat een ander en geniet
(Want een ander zijn pijn
 Kan alllicht uw vermaak of voordeel zijn)

En hier zijn we dan weer eens aanbeland bij de maar liefst 17000 zogeheten mensen die in Amsterdam ambtenaar zijn, en de maar liefst 176000  zogeheten mensen - "professionele terreur-bestrijders" - die in Nederland ambtenaar zijn - waarover later meer, want dit zijn immers Onze Bovengestelden waarvoor binnenkort van iedere 5 euro die we uitgeven in Neerland direct 1 euro toevalt aan deze massa van 176000 deugdmensen, vanwege hun toegevoegde waarde, naar men moet aannemen, die ze tot geboren ambtenaar en zr gewillige uitvoerder van om het even welke machthebbers maakt.

Het is in ieder geval gebrek aan karakter, met als resultaat

Karikaturen en parodien van mensen omdat "men" zichzelf verwart met de rollen die "men" speelt, en niet goed wijs meer weet uit pose en realiteit, geste en gevoel, onderkende waarheid of voorgewend geloof, pretentie en werkelijkheid.

En het zijn uiteindelijk deze en dergelijke mensen (of "mensen", of met machtsuitoefening samenhangende corrupties: afwijkingen, perversies, alinaties, verziekingen, verrottingen, vervalsingen, degeneraties en verdierlijkingen van mensen) die zo graag ambtenaar zijn of bestuurder worden; zo makkelijk kamerlid zijn; zo eenvoudig drugshandelaar spelen, of zo vanzelfsprekend als burgemeester, wethouder, of publieksvoorganger prominent worden.

Immers, zij kennen geen normen anders dan eigenbelang + gehuichel; zij kennen geen waarheid anders dan de wensen van de leider of de ideologie van de groep of de waan van de dag; zij zijn de trouwe, gewillige, morele uitvoerders van alle opdrachten met sanctie van autoriteit, hoe beestachtig ook; zij zijn de loyalen die menen te weten dat iets moreel goed is omdat de leider het zegt; en het zijn zij, en gewone burgers als zij, die uiteindelijk de gewillige uitvoerders, de trotse schijnheilige voltrekkers, de organisatoren en de  schrijftafelmoordenaars van en voor om het even welk beleid zijn dat hen goed betaalt en in leven laat, met als gewoon en gemiddeld resultaat en konsekwentie dit:

"History is little else but the register of the crimes, follies and misfortunes of mankind"
   (Gibbon)

Het is echter k waar dat het "little else" - zoals Shakespeare, Galileo, Newton, Euler, Gibbon zelf: wetenschap, kunst, rechtvaardigheid - van grote waarde voor de minderheid van mensen van enige intelligentie en beschaving is, en ook draait om wat de mens boven het dier verheft: Bewuste rationaliteit, redelijkheid, en geesteskracht, alles kenmerken die onder geboren ambtenaren en bestuurders zr zeldzaam blijken te zijn in de praktijk, zij het niet in theorie en eigendunk.

Later mr over dit thema - dat de normale ambtenaar maar dan ook exact en als ideaaltype de man zonder ruggegraat, zonder eigenschappen, zonder meningen, zonder inhoud is; de geboren huichelaar; de gewillige bedrieger, de grage leugenaar en uitvoerder voor eigen voordeel van de orders van autoriteiten omdat het autoriteiten zijn, en daarom het type mens, of wat daar uiterlijk zeder op lijkt, dat uit natuurlijke aanleg ambtenaar wordt, bij uitstek het type van de laffe, grauwe, middelmatige karakterloze is, van de meeloper uit zwakte, van de conformist uit schijnheiligheid, en van de moordenaar uit loyaliteit aan en respect voor leiders.

En dit alles was Fielding even duidelijk als Multatuli, zodat ik maar aanneem dat Multatuli's stemming toen hij over Fielding schreef kennelijk even slecht was als de Franse vertaling die hij gelezen had, en ook even slecht als zijn eigen bekendheid met de zeer interessante en moedige persoon die Fielding was, naast een groot schrijver, en dat niet slechts "van 2n rang".

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail